Salter-Harrisfractuur
Подписчиков: 0, рейтинг: 0
|
|
Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht. Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts. |
| Salter–Harrisfracturen | ||||
|---|---|---|---|---|
|
| ||||
|
Salter-HarrisFracturen
| ||||
| Coderingen | ||||
| ICD-10 | S89.212 | |||
| ICD-9 | 812 | |||
| eMedicine | radio/613 | |||
| ||||
Een Salter–Harrisfractuur is een botbreuk (fractuur) die de groeischijf (epifysairschijf) betreft en daarom alleen voorkomt bij kinderen.
Soorten
Er zijn negen types Salter-Harrisfracturen beschreven: type I tot en met V werden beschreven door Robert B Salter en W Robert Harris in 1963. De minder vaak voorkomende type VI tot en met IX zijn later toegevoegd.
- Type I - Komt voor in ±6% van de gevallen en is een fractuur dwars door de groeischijf.
- Type II - Komt voor in ±75% van de gevallen en is een fractuur door de groeischijf en metafyse. Hierbij wordt de epifyse gespaard.
- Type III - Komt voor in ±8% van de gevallen voor en is een fractuur door de groeischijf en epifyse. Hierbij wordt de metafyse gespaard.
- Type IV - Komt voor in ±10% van de gevallen en is een fractuur door zowel de metafyse, groeischijf en epifyse.
- Type V - Komt voor in ±1% van de gevallen. Hierbij gaat het om een compressiefractuur van de groeischijf.
- Type VI - Letsel aan de structuren rondom het kraakbeen (perichondraal).
- Type VII - Geïsoleerd letsel van de groeischijf.
- Type VIII - Geïsoleerd letsel van de metafyse, met een potentieel letsel van de endochondrale ossificatie.
- Type IX - Letsel van het periost dat mogelijk de membraneuze groei kan belemmeren.
Ezelsbruggetje
Er is in het Engels een ezelsbruggetje om de oorspronkelijke vijf types te onthouden:
- S ("Straight across") – type I
- A ("Above") – type II
- L ("Lower" of "beLow") – type III
- T ("Two" of "Through") – type IV
- ER ("ERasure of the growth plate") – type V
| Bronnen, noten en/of referenties |